Newsflash

Zevende CIRCE cursus voor leraren klassieke talen in Fano (Italië) van 8 tot 15 juli 2012. De deadline voor Europese beursaanvragen is 16 januari 2012. Voor meer info klik op CIRCE cursussen  in het menu

 
Welkom arrow CIRCE Materialen arrow Klassieke talen in Europa arrow Denemarken
Circe Menu
Facebook
LOGIN
Wachtwoord vergeten?
Nog geen account? Maak er één aan!
Onderwijs van Latijn, Grieks en antieke cultuur in Denemarken Afdrukken E-mail

Auteur: Elisabeth Nedergaard Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken

I. Het verhaal van het oude talenonderwijs in Denemarken

 

Latijn kwam in de 10de eeuw samen met het christendom naar Denemarken en werd oorspronkelijk onderwezen in kloosters. Na de Reformatie in 1536 waren de scholen niet langer katholiek maar ontstond er een hele reeks Latijnse scholen over het hele land voor de opleiding van hen die mikten op universitaire studies (in theologie). Naast Latijn werd er nu ook Grieks gegeven. De traditie van de Latijnse school bleef duren tot er in 1903 een grote hervorming werd doorgevoerd.
De hervorming van 1903 vertrok van de lange en sterk klassiek geïnspireerde traditie van de Latijnse scholen. Naar Noors voorbeeld werd het hoger middelbaar onderwijs opgedeeld in drie richtingen: de klassiek linguïstische, de modern humanistisch/linguïstische en de wetenschappelijke. Ter compensatie van het verlies van Grieks als een cultureel fundament in twee van de drie takken werd een nieuw vak “Oldtidskundskab” (antieke cultuur) gecreëerd. Daardoor moesten alle leerlingen inzicht krijgen in de belangrijkste aspecten van de klassieke Griekse beschaving; alleen werden de teksten nu gelezen in het Deens. De hervorming van 1903 was een succes en bleef meer dan 50 jaar gehandhaafd; in die periode groeide de schoolbevolking van de “gymnasier” (scholen voor hoger secundair) van minder dan duizend leerlingen tot meer dan 5000 per jaar.
In 1958-1963 werden de drie richtingen van de scholen voor hoger secundair onderwijs gereduceerd tot twee: de humanistisch/linguïstische en de wetenschappelijke. Na het eerste jaar hoger secundair onderwijs werden de twee richtingen opgesplitst in meer gespecialiseerde richtingen. In 1975 legde een nieuwe wet op het lager onderwijs een cyclus van negen jaar lager onderwijs vast voor iedereen en vanaf 1979 werd Latijn als voorwaarde voor de humanistisch/linguïstische richting van het hoger secundair afgeschaft.
Een nieuwe hervorming in 1988 veranderde het hoger secundair onderwijs in een nieuw systeem waarbij de tweedeling bleef bestaan (humanistisch/linguïstisch en de wetenschappelijk), maar de scheidingsmuren tussen beide vielen weg. In plaats daarvan werd aan de leerlingen een serie opties aangeboden waarbij ze de kans kregen hun examens aan te passen aan de door hen gewenste richting. Met enkele aanpassingen is deze hervorming nog altijd de basis van het schoolsysteem in Denemarken (2004, zie lager).
II. Het hedendaags middelbare schoolsysteem in Denemarken
Het hoger secundair onderwijs van Denemarken in 2004 is verdeeld in vier types van onderwijs:
Ø       “Det almene gymnasium/stx” = het algemeen hoger secundair onderwijs (3 jaar opleiding naar het “studentereksamen” = examen artium);
Ø       “Hoejere forberelseskursus/hf” = hoger voorbereidend curriculum (2 jaar opleiding naar het “studentereksamen”, ook al was het oorspronkelijk de bedoeling dat dit type zou gevolgd worden door leerlingen de hoger onderwijs van het korte type zouden volgen);
Ø       “Handelsgymnasiet/hhx” = handelsonderwijs (3 jaar opleiding naar het “Hoejere handelseksamen”);
Ø       “Det tekniske gymnasium/htx” = technisch onderwijs (3 jaar opleiding naar het “Hoejere teknisk eksamen”)
Het curriculum van de laatste twee omvat nooit oude talen en het curriculum van het tweede omvat zelden oude talen. Voor wie mikt op een brede algemene opleiding waar ook oude talen een plaats hebben, is het algemeen hoger secundair onderwijs aan te raden. De cijfers van 1995 bewijzen dat het algemeen hoger secundair onderwijs nu instaat voor 35% van de leerlingen, zo’n 20.000 jongeren.

III. Klassieke vakken in het middelbaar in Denemarken
In de humanistisch/linguïstische richting van het algemeen hoger secundair onderwijs wordt Latijn gegeven op drie niveaus:
Ø       verplicht Latijn (1 jaar, niveau C) wordt gegeven in het eerste jaar als de leerlingen tussen 16 en 18 jaar oud zijn in 3 wekelijkse lestijden van 45 minuten. Tussen 8 en 12 pagina’s authentiek Latijn vormen de basis voor een eventueel mondeling examen van 25 minuten met 25 minuten voorbereidingstijd;
Ø       optioneel Latijn (1 jaar, niveau B) is een vak van medium niveau dat gegeven wordt in 4 wekelijkse lestijden van 45 minuten. De leerlingen lezen 40 pagina’s (standaardlengte) authentiek Latijn waarvan er 20 de basis vormen voor een eventueel mondeling examen van 25 minuten met 25 minuten voorbereidingstijd;
Ø       optioneel Latijn (2 jaar, niveau A) is een vak van hoog niveau dat gegeven wordt in 5 wekelijkse lestijden van 45 minuten gedurende twee jaar. De leerlingen lezen 100 pagina’s (standaardlengte) authentiek Latijn (en 150 pagina’s in vertaling) waarvan er 50 de basis vormen voor een eventueel mondeling examen van 30 minuten met 30 minuten voorbereidingstijd. Latijn van niveau A omvat ook een centraal georganiseerd schriftelijk examen na het laatste jaar.
Leerlingen van de richting wetenschappen kunnen Latijn als optievak kiezen op niveau C in hun tweede of derde jaar, in 4 wekelijkse lessen van 45 minuten. De leerlingen lezen 25 pagina’s (standaardlengte) authentiek Latijn waarvan er 15 de basis vormen voor een eventueel mondeling examen van 25 minuten met 25 minuten voorbereidingstijd.
Het Latijn van niveau C in het hoger voorbereidend curriculum is een vak van 1 jaar, in 4 wekelijkse lestijden van 45 minuten. De leerlingen lezen 20 pagina’s (standaardlengte) waarvan er 12 authentiek Latijn moeten zijn. De examensyllabus bestaat uit deze 12 pagina’s authentiek Latijn die in het schooljaar werden gelezen maar het examen omvat ook niet bestudeerde teksten van dezelfde auteurs of over hetzelfde onderwerp. Het examen (van 25 minuten met 25 minuten voorbereidingstijd) is verplicht.
In het algemeen hoger secundair onderwijs is Grieks van niveau A een optievak van 2 jaar dat alleen kan gekozen worden in combinatie met 2 jaar Latijn van niveau A. Het wordt in 5 wekelijkse lestijden van 45 minuten gegeven in het tweede jaar en 8 lestijden van 45 minuten in het derde jaar (daarin zit ook antieke cultuur). De studenten lezen ongeveer 100 pagina’s (standaardlengte) in het Grieks en 300-500 pagina’s in vertaling. Bovendien worden een groot aantal kunstvoorwerpen (vazen, beeldhouwwerken, architectuur, …) bestudeerd. 50 in het Grieks gelezen pagina’s plus een representatieve selectie kunstvoorwerpen vormen de basis van een eventueel mondeling examen (van 30 minuten met 30 minuten voorbereidingstijd). Zoals Latijn van niveau A omvat ook Grieks van niveau A een centraal georganiseerd schriftelijk examen na het laatste jaar.
Grieks van niveau C verschijnt in het curriculum van het algemeen hoger secundair onderwijs als een van de vele optievakken van medium niveau. Deze cursus omvat geen lessen antieke cultuur. De leerlingen lezen 25 pagina’s (standaardlengte) authentiek Grieks waarvan er 15 de basis vormen voor een eventueel mondeling examen van 25 minuten met 25 minuten voorbereidingstijd.
Antieke cultuur is een verplicht vak van niveau C voor alle leerlingen in het algemeen hoger secundair onderwijs in Denemarken. Het wordt in 3 wekelijkse lestijden van 45 minuten gegeven in het laatste jaar van het gymnasium. De leerlingen lezen ongeveer 300 pagina’s (standaardlengte) tekst in vertaling waarin poëzie, drama en proza vertegenwoordigd moeten zijn. Homerus, de Attische tragedies en Plato zijn verplicht. Bovendien worden een groot aantal kunstvoorwerpen uit dezelfde periode als de teksten bestudeerd. Als basis voor een eventueel mondeling examen van 25 minuten met 25 minuten voorbereidingstijd worden 40 pagina’s poëzie uit de gelezen pagina’s uitgekozen (Homerus moet!), 100 pagina’s proza (Plato moet!) en een tragedie. Een representatieve selectie kunstvoorwerpen vult het tekstmateriaal voor het examen aan.

Leerlingen van het hoger voorbereidend curriculum mogen antieke cultuur kiezen als een optievak van niveau C in het laatste van de twee jaren. Dit vak is identiek aan het vak van niveau C in het algemeen hoger secundair onderwijs, alleen is het examen verplicht voor leerlingen van het hoger voorbereidend curriculum
In de toekomst, vanaf de herfst 2005, zal alles veranderen in het algemeen hoger secundair onderwijs en in hoger voorbereidend curriculum. Het algemeen hoger secundair onderwijs zal niet langer opgedeeld worden in twee richtingen. Ten gevolge daarvan zal Latijn afgeschaft worden als een verplicht vak maar het zal blijven bestaan als onderdeel van een kort “taalkundige bad” voor iedereen (een vakoverschrijdende cursus van 45 lestijden waarvan er 20 moeten besteed worden aan werken aan Latijnse teksten). Latijn en Grieks blijven wel bestaan als keuzevakken (niveau A en niveau C), en antieke cultuur is nog altijd een verplicht vak in het nieuwe ontwerp. De sleutelwoorden van de hervorming zijn vakoverschrijdende samenwerking en projectonderwijs.
IV. Hoe word je in Denemarken leerkracht oude talen?
Om leerkracht Latijn, Grieks of antieke cultuur te worden aan een school voor algemeen hoger secundair onderwijs moet je aan de universiteit twee relevante vakken gestudeerd hebben. Normaal omvat zulke studie een hoofdvak dat drie en een half jaar wordt gevolgd (met thesis) en een bijvak dat anderhalf jaar wordt gevolgd. Latijn, Grieks of antieke cultuur kunnen gestudeerd worden aan de universiteiten van Kopenhagen, Aarhus en Odense. Kopenhagen en Aarhus hebben ook een departement klassieke archeologie.
De lerarenopleiding is georganiseerd als een tweejarig project dat bestaat uit zowel theoretische als praktische pedagogische opleiding. De leerkracht in spe moet in dienst worden genomen door een school tijdens de opleidingsperiode. De leerkracht in spe zal het eerste jaar lesgeven in de klassen van zijn of haar mentor of mentoren, maar het tweede jaar in zijn of haar eigen klassen. Een pedagogische “trainer” schrijft een verklaring voor de leerkracht in spe na het tweede jaar. Gedurende het hele proces wordt de leerkracht in spe ook gevolgd door externe beoordelaars.
Na de opleiding kan de geslaagde kandidaat vrijelijk solliciteren voor een job op om het even welke school die een vacature heeft. De schoolhoofden beslissen lokaal wie ze in dienst zullen nemen.Er gebeuren geen aanstellingen vanuit de inrichtende macht.
V. Verdere informatie
Website van het Deens ministerie van opvoeding:
http://us.uvm.dk/gymnasie/almen/lov/?menuid=150555